In Arnhem 1980 stond zitvolleybal voor mannen voor het eerst op het programma van de Paralympische Spelen. De Nederlandse ploeg werd in dat jaar gelijk kampioen. Nederland zat in een poule met Joegoslavië en Noorwegen en won van beide landen met 3-0. In het vervolg van het toernooi stond de Nederlandse ploeg evenmin een set af. In de halve finale moest Finland eraan geloven, waarna in de eindstrijd Zweden aan de kant werd geschoven.
In 1984 prolongeerden de Nederlandse zitvolleybalmannen de titel in New York. West-Duitsland was destijds de tegenstander in de finale. Daarna kwamen andere landen in opkomst, waaronder Iran. Dat land werd in zowel Seoel (1988) als Barcelona (1992) Paralympisch kampioen, beide keren door Nederland in de finale te verslaan. Tijdens de laatste twee Spelen haalde de Nederlandse ploeg geen medaille. In Atlanta (1996) was een vierde plaats het hoogst haalbare, terwijl de ploeg in Sydney (2000) bleef steken op een zesde plaats.
In Athene stond zitvolleybal voor vrouwen voor het eerst in de geschiedenis op het programma. Nederland legde beslag op het zilver, na in de finale met 3-1 te hebben verloren van China. In Beijing eindigde de ploeg een plek lager op het podium.